Andrew Gillan, hoofd van de afdeling aandelen uit Azië zonder Japan, blikt terug op dit veelbewogen jaar op de Aziatische markten en bespreekt hoe zijn portefeuilles worden voorbereid op onzekerheid in 2021.

Kernpunten:

  • Andrew is van mening dat het in 2021 cruciaal zal zijn om het goede evenwicht te vinden tussen de structurele winnaars en de cyclische aandelen die het vermoedelijk beter zouden doen in een relatief sterker economisch kader.
  • We blijven hoopvol over China, maar het is mogelijk dat de regio het in 2021 minder goed zal doen dan de rest van Azië gezien zijn recente relatief sterke prestaties.

Aan het einde van 2020 zien we wat veranderingen in de dynamiek. De grote vraag is of dat voldoende momentum zal genereren om te leiden tot een versnelling in 2021. Laat me beginnen met een kort overzicht. Begin 2020 waren de algemene verwachtingen inzake Aziatische aandelen en andere vermogenscategorieën positief. Dat werd aangemoedigd door de vorderingen in het veelbesproken handelsconflict tussen de VS en China en door de aanhoudend positieve macro-economische gegevens. De beste resultaten op de effectenmarkt zagen we bij de Amerikaanse aandelen en dan vooral bij de groei- en technologieaandelen die hun relatief sterke prestaties verderzetten. Toen verscheen COVID-19 op het toneel met, naast heel wat nood- en schokreacties, ook een negatieve impact op de wereldwijde economische groei tot gevolg. Oorspronkelijk leidde dat in maart 2020 tot paniek en verkoopgedrag op de effectenmarkten waardoor de aandelen die als risicovol beschouwd worden, waaronder de Aziatische aandelen, het relatief minder goed deden. Gesteund door heel wat economische en monetaire stimuleringsmaatregelen hebben de markten zich later echter hersteld.

De technologie-effecten bleven het goed doen

In eerste instantie zette het herstel zich voort en sterkten de voorgaande tendensen zelfs aan. Dat gold met name voor de relatief sterke prestaties van technologie- en e-handeleffecten binnen Azië, terwijl andere, economiegevoeligere cyclische sectoren zoals de financiële dienstverlening het minder goed deden. China bleef relatief sterk presteren ten opzichte van de rest van de regio doordat het virus er redelijk snel bedwongen werd, terwijl de effectenmarkten in Zuidoost-Azië en India het minder goed deden. In het derde kwartaal van 2020 was er een lichte wijziging en begon Azië het beter te doen dan de wereldwijde aandelen. De instroom van nieuw kapitaal bleef echter beperkt en Noord-Azië (met technologiegerichte landen als China, Taiwan en Zuid-Korea) bleef toonaangevend. Ook India kende een sterke heropleving, hoewel de coronasituatie er verslechterde.

De technologiesector zette de beste rendementen neer in Azië zonder Japan

article-image_are-asian-equities-set-for-change-in-2021_chart01_NL

Bron: Gegevens per 30 november 2020, gecumuleerde totale rendementen in USD. MXAPJ Index = MSCI AC Asia Pacific ex Japan Index. Duurz. cons. = Duurzame consumentengoederen. Resultaten uit het verleden vormen geen leidraad voor toekomstige resultaten.

November 2020 bracht opnieuw een belangrijke kentering. De Amerikaanse presidentsverkiezingen en berichten over aanzienlijke vooruitgang in de ontwikkeling van een COVID-19-vaccin resulteerden in een van de beste maanden ooit voor wereldwijde aandelen, Azië inbegrepen. In Azië zagen we een radicale ommezwaai waarbij de internet- en e-commercebedrijven (die eerder profiteerden van de pandemie) het relatief minder goed deden. De economisch gevoeligere cyclische effecten zetten relatief sterke prestaties neer en China bleef achter. Ook interessant is dat we wekenlang kapitaal naar groeimarkten en Aziatische aandelen zagen stromen, nadat er de eerste tien maanden van het jaar heel wat kapitaal uit die sectoren was weggevloeid.

Evenwichtsoefening

Essentieel in 2021 wordt het juiste evenwicht vinden tussen structurele en cyclische effecten. Bij de structurele winnaars vinden we bijvoorbeeld de bedrijven die profiteren van langetermijntrends zoals de stijgende consumptie en de aanvaarding van technologie. Op korte termijn zullen sommige sectoren termijn misschien overgewaardeerd zijn, maar we denken dat veel van die bedrijven nog steeds aantrekkelijke groeivooruitzichten bieden en na verloop van tijd een aanzienlijk marktaandeel kunnen verwerven. Daarnaast zullen de eerder cyclische sectoren, zoals de financiële dienstverlening en het vastgoed, vermoedelijk profiteren van het economische kader dat in 2021 relatief sterker zal zijn dan in het zwakke 2020. In sommige cyclische sectoren vinden we nog steeds aantrekkelijke waarderingen. Wij beogen zowel blootstelling aan structurele als aan cyclische effecten, maar blijven de voorkeur geven aan ondernemingen die een hoger rendement van het eigen vermogen ('Return on Equity' of 'ROE') realiseren. Dat heeft ons in het verleden vaak naar structurele winnaars geleid, vooral in de sectoren inzake technologie en duurzame consumentengoederen.

Onze mening over de sector van de financiële dienstverlening houdt stand en wordt beïnvloed door de momenteel wereldwijd lage rentevoeten. We geven de voorkeur aan banken in de groeimarkten met hogere rentevoeten en netto rentemarges, zoals Indonesië en India. Daarnaast zijn we ook voorstander van levensverzekeringsbedrijven, die aantrekkelijke structurele groei tonen wanneer hun regio kapitaalkrachtiger wordt. China blijft erg belangrijk voor de regio vanwege de grote rol die het speelt in de MSCI All Countries Asia Pacific ex Japan Index en door de hoge consumptieniveaus en aanzienlijke handelsstromen. We blijven positief over China gezien de ruimte keuze aan bedrijven en vanwege de omvang van de markt. We zouden daarentegen niet verbaasd zijn als de Chinese aandelen het in 2021 minder goed doen dan de rest van Azië aangezien ze het recent een stuk beter hebben gedaan dan de rest van de regio, zowel op de effectenmarkt als wat de economische gegevens betreft.

Begrippenlijst

Rendement van het eigen vermogen (Return on Equity of ROE): een maatstaf van het financiële resultaat die wordt berekend door het netto-inkomen te delen door het eigen vermogen (bedrijfsactiva verminderd met schuld).

Monetaire stimuleringsmaatregelen: handelingen waarbij de centrale banken meer geld in de economie brengen en de leenkosten verlagen om het inflatieniveau en de economische groei te beïnvloeden.

Opkomende markten: landen die de overgang maken van lage inkomens en een onderontwikkelde economie naar integratie met de wereldwijde economie en de ontwikkeling van moderne financiële en regelgevende instellingen. Opkomende markten hebben gewoonlijk een hogere volatiliteit en een groter verliesrisico dan ontwikkelde markten.

Netto rentemarge ('net interest margin' of 'NIM'): een maatstaf die de vergelijking maakt tussen de netto rentemarge die een financieel bedrijf opstrijkt uit kredietproducten, zoals leningen en hypothecaire kredieten, en de uitgaande rente die het betaalt aan houders van spaarrekeningen en depositocertificaten. Een hogere NIM geeft aan dat het financiële bedrijf winstgevend is.